‘Word een digitale fijnproever’

Wat doen we dan wel het best?

TC: ‘Je kan technologie in het algemeen toxisch vinden, maar dan ga je voorbij aan de variatie aan relaties die we hebben met verschillende vormen van technologie. Het idee dat je na een overdosis best wat detoxt is wat mij betreft te eenvoudig gesteld. Het gaat erom dat je onderzoekt hoe je gezondere banden kan aangaan met technologie, en hoe je jezelf daartoe kan krijgen. Als je de analogie wilt maken met diëten, dan zou mijn tip zijn dat je een digitale fijnproever moet zien te worden. Filter de veelheid uit en maak keuzes op basis van wat jij boeiend en belangrijk vindt, vanuit een positieve geïnteresseerde kijk op informatie, niet vanuit de angst om overspoeld te worden.

Iets kunnen waarderen gaat enkel als je keuzes kan maken. Het gaat erom zowel “ja” als “nee” te kunnen zeggen tegen datgene wat je al dan niet in je leven wilt toelaten. Fijnproeverij dus. Geen vraatzucht waar je misselijk van wordt. Het gaat erom dat je je gaat interesseren in wat het betekent om technologie goed te gebruiken. Het houdt in dat je nagaat welke technologische ervaringen – een spelletje, een app, een sociaal netwerk –je duidelijk geen deugd doen en je dus beter loslaat. Ik heb heel wat spelletjes gedeletet omdat ze niet goed voor me waren; ik speelde ze te vaak en ze namen te veel van mijn kostbare tijd in. Maar dat betekent niet dat die spelletjes op zich toxisch zijn. Het is mijn manier om ze te gebruiken die niet oké is.’

Hoeveel schermtijd zou jij gezond noemen?

TC: ‘Als iets negatieve gevolgen heeft in je leven, is het te veel. Wat te veel is voor de één, is juist genoeg of nog te weinig voor de ander. Ik probeer vooral – maar het lukt me ook niet altijd – om geen gewoonten te creëren die me geen echte voordelen opleveren, dingen die me beletten om zaken te doen die beter voor me zijn. Te veel spelletjes spelen, zoals ik al zei, maar bijvoorbeeld ook mijn laptop de hele dag open laten staan, of de hele dag mijn gsm in mijn broekzak meedragen. Dat is dan niet echt screentime, en toch brengt het een overdaad aan technologie in mijn leven. Ik probeer voldoende tijd te voorzien voor zaken die ik niet via technologie kan krijgen, zoals een boek lezen, familie en vrienden ontmoeten, gaan wandelen, sporten, dromen en ontspannen, koken en in fijn gezelschap eten en drinken. Ik vind dat ik tenminste de helft van mijn wakkere tijd aan die zaken moet kunnen besteden.’